Opstellen van een woonprofiel

Wonen betekent voor iedere persoon met autisme iets anders. Sommigen hebben hun leven lang ondersteuning nodig, ook bij het wonen, anderen wonen beschermd of zelfstandig met begeleiding en weer anderen wonen geheel zelfstandig. Welke woonvorm, woonomgeving en begeleiding(stijl) meest passend is hangt af van een ieders persoonlijke wensen en individuele sterke en minder sterke kanten.

 

Woonprofiel

Wanneer u voor uzelf of voor uw zoon of dochter op zoekt bent of gaat naar een (andere) woonvoorziening, kan samen met u een woonprofiel worden opgesteld. In dit woonprofiel worden uw behoeften en wensen én uw sterke en minder sterke kanten (of die van uw zoon of dochter) op het gebied van wonen in kaart gebracht. Op basis van dit profiel kunnen vervolgens adviezen worden geformuleerd over noodzakelijke voorwaarden qua woonomgeving, woning en begeleiding (intensiteit en stijl). Alsook over nog te leren vaardigheden. Met dit profiel kunt u gerichter op zoek gaan naar een voor u of uw zoon of dochter meest passende woonvoorziening.

 

Onderwerpen die in het woonprofiel aan de orde komen zijn onder andere:

  • De mate van zelfredzaamheid (persoonlijke vaardigheden waaronder zelfverzorging, huishoudelijke vaardigheden en maatschappelijke vaardigheden, waaronder bezoeken aan instanties, gebruik van openbaar vervoer).
  • Sociale en communicatieve vaardigheden (bijvoorbeeld behoefte aan sociale contacten, hulp vragen, nee zeggen).
  • Denkvaardigheden (bijvoorbeeld plannen en organiseren, initiatief nemen, tijdsbesef, keuzes maken).
  • Zintuiglijke prikkelverwerking (gevoeligheid voor licht, geluiden, aanrakingen, geuren, drukte, et cetera).
  • Bijkomende stoornissen of problemen (bijvoorbeeld angsten of stemmingsproblemen).
  • Dagbesteding of werk en Vrijetijdsvaardigheden.

 

Werkwijze

Na aanmelding vindt een eerste gesprek plaats met de cliënt en of zijn of haar ouders of verzorgers. In dit gesprek wordt samen gekeken of uw vraag binnen de praktijk kan worden beantwoord. Is dit het geval dan worden vervolgafspraken gemaakt.

 

Voor het opstellen van het woonprofiel zijn over het algemeen twee á drie gesprekken nodig met de cliënt en/of ouders of verzorgers. Afgesloten wordt met een adviesgesprek en een eindverslag.

 

Het is mogelijk om samen met de cliënt en/of ouders aansluitend een toelichting op het woonprofiel te geven aan de begeleiders en gedragskundige van de (nieuwe) woonvoorziening.